|
Onderzoek Randstad Holland
Het grootste stedelijke netwerk in Nederland is Randstad Holland, welke kan worden gezien als een polycentrische metropool. Gezamenlijk kunnen de vier grote steden en het omliggende stedelijk weefsel, zich meten met andere metropolitaanse gebieden in Noordwest-Europa.
Dit onderzoek naar Randstad Holland vond plaats in de periode mei 2008 – mei 2009. David van Keulen en Anneke van Mispelaar hebben dit onderzoek uitgevoerd in het kader van hun studie Bestuurskunde aan de Eramus Universiteit Rotterdam. Het object van onderzoek is de veronderstelde samenhang in het openbaarvervoersysteem van de Zuidvleugel van Randstad Holland. De centrale vraag dit onderzoek luidt: “Wat is samenwerking met meerwaarde met betrekking tot het openbaar vervoer in de Zuidvleugel van Randstad Holland, en hoe kan die worden gerealiseerd?”
Casus De onderzochte casus betreft samenwerking op het gebied van de organisatie van het openbaar vervoer in de Zuidvleugel van Randstad Holland. Als het gaat om de grote dagelijkse verkeersstromen kunnen we binnen Randstad Holland de zuid- en noordvleugel onderscheiden. De Zuidvleugel met twee gelijkwaardige steden en tal van subcentra, maakt de opgave voor het openbaarvervoersysteem extra uitdagend. Daarnaast veronderstellen wij, op basis van recente ontwikkelingen zoals het initiatief voor coördinatie van het OV in de Zuidvleugel, dat actoren bereid zijn tot samenwerking.
Probleemstelling onderzoek Ontwikkelingen in metropolen zijn lastig te sturen en kennen een eigen dynamiek. Hierbij is –met name in een polycentrische metropool – samenwerking essentieel om eruit te halen wat erin zit. Onze studie richt zich op wat er nodig is om deze samenwerking tot stand te brengen. In Randstad Holland is hier behoefte aan. Dat gecoördineerde actie noodzakelijk is, blijkt uit de publicatie van de OECD: de internationale concurrentiepositie van de Randstad verslechtert, de gemiddelde jaarlijkse productiviteitsgroei was in de periode 1995-2005 slechts 1,7%.
Als één van de oorzaken benoemt de OECD de trage ruimtelijk-economische ontwikkeling, welke mede te wijten is aan langzame besluitvorming en gebrek aan politiek leiderschap. Dat samenwerking nodig is, zeggen ook wetenschappers (zoals Teisman, Hall), het ruimtelijk planbureau, bestuurders zelf (bijvoorbeeld verenigd in de ‘Holland acht’) en het Kabinet. Die laatste heeft hiervoor een Randstadminister ingesteld met een Randstadprogramma en zij heeft Structuurvisie Randstad 2040 opgesteld.
Tegelijkertijd zien we in Randstad Holland dat Amsterdam zich, samen met omliggende gemeenten van Haarlemmermeer tot Almere en Zaanstad, heeft uitgeroepen tot Metropool Amsterdam. De Zuidvleugel daarentegen kent geen probleemeigena(a)r(en) en het ontbreekt er aan onvoldoende organiserend vermogen en draagvlak voor het vormen van een gezamenlijke visie.
Openbaar Vervoer Het onvoldoende presterende (openbaar) vervoersysteem van de Randstad illustreert hoe moeizaam samenwerking in de Randstad van de grond komt. Ook de alsmaar groeiende kosten van de organisatie en invoering van de OV-Chipkaart (nu al 40% duurder dan geraamd) illustreren hoe de verschillende partijen rondom het openbaar vervoer er niet in slagen gezamenlijk efficiencyvoordeel te realiseren.
Een goed vervoersysteem is essentieel voor een optimaal functionerende metropool, en een goed functionerend openbaar vervoersysteem maakt hier deel van uit. Op dit moment functioneert het OV in de Randstad onvoldoende. De reiziger in de Randstad mist overzicht en samenhang tussen de verschillende modaliteiten en schalen. De afstemming van de dienstregeling van de NS vindt plaats per vleugel. Bus, tram en metro wordt per regio geregeld, er bestaan grote verschillen in kwaliteit. Als er al koppelingen worden gelegd tussen het OV en het wegennet (P+R) wordt dit per regio bekeken (Holland Acht, 2005).
|